Het Carillon

Een groep mensen uit kringen van de Stichting Historisch Delfshaven, Muziek in Delfshaven en uit de wereld van monumenten en carillons nam vorig jaar het initiatief om het- bestaande carillon in de Delfshavense Oude Kerk belangrijk uit t)reiden en bespeelbaar te maken. En dat in het kader van het dit jaar 600-jarig bestaan van dit historische stadsdeel van Rotterdam. Mede dank zij de inzet van W. L. van Schaick, voorzitter van de Stichting Historisch Delfshaven, is dit plan gelukt.

De kosten van de restauratie van de oude klokken en de aanschaf van nieuwe klokken, de speeltafel en de nodige technische voorzieningen bedroegen circa 240.000 gulden. Hiervan kon 80.000 gulden worden gedekt door een combinatie van het werk met regulier onderhoud. Het resterende benodigde bedrag is verkregen door giften van burgers en instellingen. Op elk klokje is een door de schenker zelf gekozen naam gegoten. „Het nieuwe carillon luidt 600 jaar Delfshaven uit en luidt 650 jaar Rotterdam in", aldus wethouder drs. J. Laan, die het carillon namens de gemeente aanvaardde.

Het nieuwe carillon is vervaardigd door de wereldberoemde Koninklijke Klokkengieterij Petit en Fritsen BV uit Aarle-Rixtel en in meer dan één opzicht een geheel nieuw concept in het beiaardbestand van de Lage Landen. Het instrument heeft 44 klokken. De zwaarste daarvan heeft de toon E, weegt ruim 130 kilogram en heeft een diameter van 600 milimeter. Van de 44 klokken zijn er 32 op harmonische wijze ingepast in de acht torenopeningen. De drie zwaarste klokken en de negen kleinste hangen meer naar binnen en zijn daardoor minder zichtbaar van buitenaf.

Carillon-specialist Jaap van der Ende uit Schoonhoven noemt de compacte bouw van het instrument uniek in de Lage Landen. Deze werkwijze was mogelijk door het toepassen van roestvrije materialen, die vrijwel geen onderhoud behoeven en door de goede bereikbaarheid rondom via de aanwezige torentrans. Het automatische speelwerk omvat de 25 laagste klokken. Het is door de computer gestuurd en het kan vier maal per uur spelen. De zwaarste klok doet dienst als klepklok voor de zondagse eredienst.

Het uitzonderlijksté van het carillon noemt Van der Ende de stemming van de klokkenreeks. „Het is een zogenaamde gemodificeerde middentoonstemming, afgeleid van de 17e-eeuwse stemming van Hemony-beiaarden. Deze stemming biedt de zo aantrekkelijke oude klankkleuren, gecombineerd met de modulatiemogelijkheden die de moderne stemmingen bieden". „Een specialiteit in deze reeks is ook", aldus Van der Ende, „dat de inwendige toonstructuur in iedere klok onderling aanwezig is. De zogenoemde boventonen in een klok kunnen namelijk gestemd worden, wat bij snaren en orgelpijpen niet het geval is. De in dit spel gerealiseerde werkwijze garandeert een rustige en ronde klank".

Het nieuwe instrument is zowel visueel als in klank een uiterst verfijnde variant op de tegenwoordige staandaard bouwmethode. Het werk aan en in de toren is volgens een ontwerp van Gemeentewerken Rotterdam door deze dienst zelf uitgevoerd, daarbij geassisteerd door de Rijksdienst Monumentenzorg en Jaap van der Ende. De oorspronkelijke klokkezolder werd geschikt gemaakt om er de beiaard van het carillon te plaatsen. Hier zal Geert Bierling, die ook organist is van de Oude Kerk, op gezette tijden het carillon bespelen en concerten verzorgen. De oude luidklok, waarin in de loop der tijd een barst is gekomen, en de gerestaureerde Hemony-klokken, krijgen een passende plaats in de kerk.